|
Pestprotocol basisschool "Het Palet".
Pesten
op school
Signalen
van pesterijen
Hoe
gaan wij op "het Palet" met pesten om?
Belangrijke
regels bij het hanteren van het pestprotocol.
Onze
regels op het Palet:
Wat doen we als……
Hoe begeleiden we……
Adviezen
aan:
Dit
PESTPROTOCOL heeft als doel:
“ Alle kinderen moeten zich in hun
basisschoolperiode veilig kunnen voelen, zodat zij
zich optimaal kunnen ontwikkelen”
Door regels en afspraken zichtbaar te maken kunnen
kinderen en volwassenen, als er zich ongewenste
situaties voordoen, elkaar aanspreken op deze regels en afspraken
Door elkaar te steunen en wederzijds respect te
tonen stellen we alle kinderen in de gelegenheid om
met veel plezier naar school te gaan!
Pesten
op school
(terug)
Pesten
komt helaas op iedere school voor, ook bij ons. Het
is een probleem dat wij onder ogen zien en op onze
school serieus aan willen pakken.
Daar
zijn wel enkele voorwaarden aan verbonden:
Pesten moet als probleem worden gezien door alle
direct betrokken partijen: leerlingen (gepeste
kinderen, pesters en de zwijgende groep),
leerkrachten en de ouders.
De school moet proberen pestproblemen te
voorkomen. Los van het feit of pesten wel of
niet aan de orde is, moet het onderwerp pesten
met
de kinderen bespreekbaar worden gemaakt, waarna
met hen regels worden vastgesteld.
Als pesten zich voordoet, moeten leerkrachten
(in samenwerking met de ouders) dat kunnen
signaleren en duidelijk stelling nemen.
Wanneer pesten ondanks alle inspanningen toch
weer de kop opsteekt, moet de school beschikken
over een directe aanpak.
Wanneer het probleem niet op de juiste wijze
wordt aangepakt of de aanpak niet het gewenste
resultaat oplevert dan is de inschakeling van
een vertrouwenspersoon nodig. De
vertrouwenspersoon kan het probleem onderzoeken,
deskundigen raadplegen en het bevoegd gezag
adviseren.
Op iedere school is een vertrouwenspersoon
aangesteld. Op het Palet juf Carla Geerts
(intern begeleidster).
Signalen van pesterijen kunnen o.a.
zijn:
(terug)
Altijd een bijnaam, nooit bij de eigen naam
noemen.
Zogenaamde leuke opmerkingen maken over een
klasgenoot.
Een klasgenoot voortdurend ergens de schuld van
geven.
Briefjes doorgeven.
Beledigen.
Opmerkingen maken over kleding.
Isoleren en negeren.
Buiten school opwachten, slaan of schoppen.
Op weg naar huis achterna rijden.
Naar het huis van de gepeste gaan.
Bezittingen afpakken.
Schelden of schreeuwen.
Pesten via computer (msn, hyves, mail enz).
Leerkrachten en ouders moeten alert zijn op de
manier waarop kinderen met elkaar omgaan en
duidelijk stelling nemen wanneer bepaalde gedragingen hun norm overschrijden.
Hoe
gaan wij op "het Palet" met pesten om?
(terug)
Een effectieve manier om pesten te stoppen of binnen
de perken te houden, is het afspreken van regels
voor de leerlingen.
Aan
het begin van elk schooljaar wordt er extra aandacht
besteed aan de regels en afspraken en aan het
pestprotocol.
Dit
pestprotocol wordt door alle kinderen uit de groep
ondertekend.
Op
school willen we regelmatig een onderwerp in de
kring aan de orde stellen.
Onderwerpen
als veiligheid, omgaan met elkaar, rollen in een
groep, aanpak van ruzies etc. kunnen aan de orde
komen. Andere werkvormen zijn ook denkbaar, zoals;
spreekbeurten, rollenspelen, regels met elkaar
afspreken over omgaan met elkaar en groepsopdrachten.
Het
voorbeeld van de leerkrachten en de ouders is van
groot belang. Er zal minder gepest worden in een
klimaat waar duidelijkheid heerst over de omgang met
elkaar, waar verschillen worden aanvaard en waar
ruzies niet met geweld worden opgelost maar
uitgesproken.
Agressief gedrag van leerkrachten, ouders en de
leerlingen wordt niet geaccepteerd. Leerkrachten,
ouders en leerlingen horen duidelijk stelling te
nemen tegen dergelijke gedragingen.
Belangrijke
regels bij het hanteren van het pestprotocol.
(terug)
REGEL 1:
Een belangrijke stelregel is dat het inschakelen
van de leerkracht niet wordt opgevat als klikken.
Vanaf de kleutergroep brengen we kinderen dit al bij:
“Je
mag niet klikken, maar……als je wordt gepest of als
je ruzie met een ander hebt en je komt er zelf niet
uit dan mag je hulp aan de leerkracht vragen. Dit wordt niet gezien als klikken”. Deze regel
geldt natuurlijk ook voor de ouders van alle
kinderen.
REGEL
2:
Een
tweede stelregel is dat een medeleerling ook de
verantwoordelijkheid heeft om het pestprobleem bij
de leerkracht aan te kaarten. Alle leerlingen zijn immers verantwoordelijk voor een goede sfeer in de
groep.
REGEL
3:
Samenwerken
zonder bemoeienissen:
School
en gezin halen voordeel uit een goede samenwerking
en communicatie. Dit neemt niet weg dat iedere
partij moet waken over haar eigen grenzen. Het is bijvoorbeeld niet de bedoeling dat ouders naar school
komen om eigenhandig een probleem voor hun kind op
te komen lossen.
Samen met de leerkracht(en) wordt naar een oplossing gezocht en wordt
actie ondernomen.
Onze
regels op het Palet:
(terug)
-
Wij luisteren naar elkaar.
-
Wij blijven van elkaar en van elkaars spullen
af.
-
Wij bedreigen elkaar niet
-
Wij letten niet zoveel op elkaar en roddelen
niet over elkaar.
-
Wij schelden niemand uit.
-
Wij spelen en werken samen. Iedereen hoort
erbij.
-
Wij denken eerst na voor we iets doen.
-
Wij spugen niet.
-
Wij lachen niemand uit.
-
Wij doen niet iets bij een ander dat we zelf ook
niet prettig vinden.
Deze regels gelden op school en ook daarbuiten!
Wat
doen we als……
(terug)
Er
gesignaleerd wordt (door gepeste leerling zelf,
ouders, andere leerling of leerkracht) dat een
leerling wordt gepest?
De
leerkracht brengt de partijen bij elkaar voor een
verhelderinggesprek en probeert samen met hen de
pesterijen
op te lossen en (nieuwe) afspraken te maken.
Bij herhaaldelijk pestgedrag neemt de leerkracht
duidelijk stelling en houdt een bestraffend gesprek
met de leerling die pest.
Bij pestgedrag worden de ouders( van pester en
gepeste) op de hoogte gebracht van het pestgedrag.
Leerkracht(en) en ouders proberen in goed overleg samen te werken aan een bevredigende oplossing.
De
leerkracht het idee heeft dat er sprake is van
onderhuids pesten?
In
zo’n geval stelt de leerkracht een algemeen probleem
aan de orde om langs die weg bij het probleem in de
klas te komen.
De
leerkracht biedt altijd hulp aan de gepeste
en begeleidt de pester, indien nodig in overleg met
de ouders en/of externe deskundigen.
Hoe
begeleiden we……
(terug)
De
gepeste leerling:
We tonen medeleven en luisteren en vragen hoe en
door wie er wordt gepest.
We gaan na hoe de leerling zelf reageert, wat
doet hij/zij voor tijdens en na het pesten.
We laten de leerling inzien dat je soms ook op
een andere manier kunt reageren.
We gaan na welke oplossing het kind zelf wil.
We benadrukken de sterke kanten van het kind.
We stimuleren het dat de leerling zich
anders/beter opstelt.
We praten met de ouders van het kind (en de
ouders van de pester).
We plaatsen het kind niet in een
uitzonderingspositie door het over te
beschermen.
We schakelen indien nodig, in overleg met de
ouders, hulp in zoals: sociale
vaardigheidstrainingen, Jeugdgezondheidszorg,
huisarts, GGD.
De
pester:
We praten met de pester en we zoeken naar de
reden van het pesten.
We laten inzien wat het effect van zijn/ haar
gedrag is voor de gepeste.
We laten inzien welke positieve kanten de
gepeste heeft
We schakelen indien nodig, in overleg met de
ouders, hulp in zoals: sociale
vaardigheidstrainingen, Jeugdgezondheidszorg, huisarts, GGD.
We laten excuses aanbieden.
We spreken bij herhaling de pester er weer op
aan.
De grote groep:
We maken het probleem bespreekbaar in de groep.
We stimuleren dat de kinderen een eigen
standpunt innemen en eventueel partij trekken
voor de gepeste leerling.
We bespreken met de leerlingen dat “meedoen” met
de pester meestal kan leiden tot verergering van
het probleem. We laten inzien wat het effect van zijn/ haar
gedrag is voor de gepeste.
We laten inzien welke positieve kanten de
gepeste heeft
We schakelen indien nodig, in overleg met de
ouders, hulp in zoals: sociale
vaardigheidstrainingen, Jeugdgezondheidszorg,
huisarts, GGD.
Adviezen aan……
(terug)
De
ouders van de gepeste kinderen:
Houdt de communicatie met uw kind open, blijf in
gesprek met uw kind.
Pesten kunt u het beste direct met de leerkracht
bespreken.
Steun uw kind in het idee dat er een einde aan het
pesten komt.
Stimuleer de leerling om naar de leerkracht te gaan.
De
ouders van pesters:
Neem het probleem van uw kind serieus.
Probeer achter de mogelijke oorzaak te komen.
Maak
uw kind gevoelig voor wat het anderen aandoet.
Corrigeer ongewenst gedrag en benoem het goede
gedrag van uw kind.
Maak uw kind duidelijk dat u achter de
beslissing van school staat.
Raak niet in paniek: elk kind loopt kans pester
te worden.
De
ouders van alle kinderen:
Neem de ouders van het gepeste kind serieus.
Houdt rekening met de gevoelens van de ouders
van zowel het gepeste kind als ook de gevoelens
van de pester. Stimuleer uw kind om op een goede manier met
andere kinderen om te gaan.
Corrigeer uw kind bij ongewenst gedrag en benoem
goed gedrag.
Geef zelf het goede voorbeeld.
Leer
uw kind voor anderen op te komen.
Leer uw kind voor zichzelf op te komen |